Rechtbank Zeeland-West-Brabant 14 december 2022 — Civiel recht
Instantie en datum — Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 14 december 2022, ECLI:NL:RBZWB:2022:7326, zaaknummer C/02/391170 / HA ZA 21-624, bodemzaak. Kernvraag — Hebben de bewoners van een woonperceel recht op toegang via de achtertuin van het naastgelegen perceel naar de openbare weg, op grond van een buurweg (art. 719 BW oud), een door verjaring verkregen erfdienstbaarheid van overpad, een noodweg (art. 5:57 BW) of een persoonlijk gebruiksrecht? Feiten — Eisers zijn eigenaar van een woonperceel waarop hun huurster woont. Gedaagden zijn eigenaar van het aangrenzende perceel. Na de bouw van de woningen in 1976 lag er een gemeenschappelijk achterpad langs de percelen dat door bewoners van drie percelen werd gebruikt als achterompad naar de openbare weg. In 2000 kocht de rechtsvoorgangster van gedaagden de grond waarop het pad lag. In 2014 werd het pad door plaatsing van een schutting afgesloten en werd een afsluitbare poort aangebracht op de grens tussen de percelen van partijen. Sindsdien kan de huurster alleen via een omweg langs de achterzijde van een aangrenzend perceel de openbare weg bereiken. Het perceel van eisers grenst aan de voorzijde aan de openbare weg en heeft daar een toegang. Overwegingen — Ten aanzien van de buurweg (r.o. 4.1–4.3): een buurweg in de zin van art. 719 BW (oud) vereist een uitdrukkelijke of stilzwijgende wilsverklaring van de eigenaren of zakelijk gerechtigden op de tot buurweg bestemde grond. Ook opheffing kan door stilzwijgende toestemming van all…
Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken