ECLI:NL:HR:2010:BL1116

Hoge Raad 2010-03-19 — Civiel recht

Samenvatting

Instantie en datum — Hoge Raad, 19 maart 2010, ECLI:NL:HR:2010:BL1116, zaaknummer 08/02690, cassatie. Kernvraag — Is de burgerlijke rechter bevoegd om de Staat te bevelen een transcultureel psychiater aan te wijzen voor onderzoek ten behoeve van een TBS-plaatsingsprocedure bij de RSJ? En staat art. 237 lid 3 Rv. eraan in de weg dat de rechter nakosten op voorhand begroot en toewijst? Feiten — Aan eiser is TBS opgelegd. De LAP oordeelde dat hij voldoet aan de criteria voor een longstay-voorziening; eiser heeft daartegen beroep ingesteld bij de beroepscommissie van de RSJ. De beroepscommissie hield de zaak aan en verzocht de minister de LAP een nader advies te laten uitbrengen. Eiser vorderde in kort geding bij de burgerlijke rechter dat de Staat werd bevolen uitvoering te geven aan deze tussenbeslissing door het aanwijzen van een transcultureel psychiater. De voorzieningenrechter wees de vordering toe; het hof vernietigde dat vonnis en wees de vordering alsnog af. Oordeel hof — Het hof beoordeelde de vordering inhoudelijk aan de hand van de beleidsvrijheid van de minister: de civiele rechter diende te toetsen of de Staat in redelijkheid had kunnen besluiten geen transcultureel psychiater te benoemen. Op die grond wees het hof de vordering af. Tevens weigerde het hof de nakosten vast te stellen op de grond dat art. 237 lid 3 Rv. de kostenvastelling beperkt tot vóór de uitspraak gemaakte kosten. Overwegingen — De Hoge Raad behandelt eerst het incidentele beroep van de Staat (r.…