ECLI:NL:RBROT:2021:6778

Rechtbank Rotterdam 23 april 2021 — Civiel recht

Samenvatting

Instantie en datum — Rechtbank Rotterdam (kantonrechter), 23 april 2021, ECLI:NL:RBROT:2021:6778, zaaknummer 8252293 / CV EXPL 20-1026, eerste aanleg enkelvoudig. Kernvraag — In hoeverre rechtvaardigt een omvangrijke huurachterstand ontbinding van drie woonruimtehuurovereenkomsten, en in hoeverre geven de door de huurder gestelde gebreken aanleiding tot huurprijsvermindering op grond van art. 7:207 BW respectievelijk vergoeding van herstelkosten? Feiten — Verhuurder [eiser] heeft drie zelfstandige woonruimten verhuurd aan Centrale Punt B.V., die de woningen bestemd heeft voor zorgcliënten. De huurprijzen bedragen respectievelijk € 2.056,70, € 924,- en € 1.233,- per maand. Centrale Punt is met ingang van (in ieder geval) oktober 2019 in gebreke gebleven met volledige huurbetalingen; de onbetwiste achterstand bedraagt berekend tot en met februari 2021 € 46.821,60. Centrale Punt heeft diverse gebreken gemeld, waaronder verwarmingsproblemen, lekkages en elektraproblemen, en stelt dat twee woningen na een lekkage op 18 juni 2020 onbewoonbaar zijn geworden. In kort geding van 24 juni 2020 zijn de vorderingen over en weer afgewezen. Overwegingen — De kantonrechter behandelt conventie en reconventie gezamenlijk. De beheerder SAS OG Beheer B.V. wordt niet-ontvankelijk verklaard nu de dagvaarding per abuis mede namens haar is ingediend; de vordering wordt als die van [eiser] gelezen (r.o. 5.3). Ten aanzien van de huurachterstand stelt de kantonrechter vast dat de door [eiser] overgele…

Gerelateerde uitspraken

Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken