Rechtbank Overijssel 19 mei 2017 — Civiel recht
Instantie en datum — Rechtbank Overijssel (voorzieningenrechter, zittingsplaats Almelo), 19 mei 2017, ECLI:NL:RBOVE:2017:2270, zaaknummer C/08/201398 / KG ZA 17-143, kort geding. Kernvraag — Kan de verhuurder (woningcorporatie) in kort geding ontruiming vorderen van de enige resterende huurder die weigert in te stemmen met beëindiging van de huurovereenkomst, zodat sloop van het complex mogelijk wordt? Feiten — De Woonplaats verhuurt een woning in een complex van 48 portiekflats te Enschede dat gesloopt wordt ten behoeve van nieuwbouw. De huurovereenkomst is bij brief van 25 april 2016 opgezegd wegens dringend eigen gebruik met een vertrekdatum van 1 mei 2017. Met alle overige huurders is overeenstemming bereikt; gedaagde is de enige die nog in het complex woont. Vier aangeboden vervangende woningen zijn door gedaagde geweigerd. Alvorens tot sloop kan worden overgegaan dient een destructieve asbestinventarisatie plaats te vinden, waarvoor alle woningen leeg en onbewoond moeten zijn. Overwegingen — De voorzieningenrechter stelt als maatstaf voorop dat voor toewijzing van een voorlopige voorziening aannemelijk moet zijn dat de bodemrechter tot een gelijkluidende beslissing zal komen (r.o. 4.1). Het verweer van gedaagde bevat geen betwisting van de stelling dat De Woonplaats de woning dringend nodig heeft voor eigen gebruik ten behoeve van de beoogde sloop, noch enig andere rechtens relevante tegenwerping; de vordering is dan ook als onvoldoende gemotiveerd weersproken toewijsb…
Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken