Parket bij de Hoge Raad 13 november 2015 — Civiel recht
Instantie en datum — Parket bij de Hoge Raad, 13 november 2015, ECLI:NL:PHR:2015:2280, zaaknummer 14/04619 (conclusie A-G Van Oven, principaal en incidenteel cassatieberoep). Kernvraag — In hoeverre komt de waardevermindering van het overblijvende als gevolg van hinder van het gebruik van de A4 voor vergoeding in aanmerking, nu de rijbaan zelf niet op het onteigende wordt aangelegd? En: is de door de onteigende betaalde BTW over kosten van deskundige bijstand een schadepost die op de voet van art. 50 Ow vergoed dient te worden? Feiten — De Staat onteigent 260 m² grond in de gemeente Steenbergen ten behoeve van de aanleg van Rijksweg A4. Op het onteigende perceelsgedeelte wordt niet de rijbaan zelf aangelegd, maar uitsluitend een watergang, bermen en een lokale parallelweg. De onteigende exploiteert op het onteigende en het overblijvende een paardenpension en stelt primair dat hij zijn bedrijf niet op het overblijvende kan voortzetten wegens geluid- en lichthinder van de A4, zodat verplaatsing (reconstructie) noodzakelijk is. Subsidiair stelt hij dat in elk geval sprake is van een aanzienlijke waardevermindering van het overblijvende. De rechtbank stelt de schadeloosstelling vast op € 14.450, inclusief € 5.000 wegens waardevermindering van het overblijvende en € 3.000 voor vervanging van een verwijderde windsingel, maar wijst reconstructie en de kosten van partijdeskundige Van Dierendonck af. De BTW over de kosten van deskundige bijstand wordt door de rechtbank wel vergoed. O…
Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken