Hoge Raad 12 juni 2009 — Civiel recht
Instantie en datum — Hoge Raad, 12 juni 2009, ECLI:NL:HR:2009:BH4723, zaaknummer 08/00124, cassatie. Kernvraag — Heeft een notaris zijn zorgplicht jegens een rechtspersoon (Ilias) geschonden door, zonder nader onderzoek, gelden die op zijn derdengeldenrekening stonden en aan die rechtspersoon toebehoorden, in opdracht van haar bevoegde bestuurder uit te betalen aan die bestuurder zelf en diens zuster? Feiten — [Betrokkene 1] was zelfstandig bevoegd bestuurder van Stichting Trustee Ilias. In het kader van de verkoop van een registergoed werd de aan Ilias toekomende koopsom (ƒ 340.985,13) door de kopers twee maanden vóór het transport als geldlening gestort op de derdengeldenrekening van notaris [eiser], die zelf de bijbehorende schuldbekentenis had opgesteld. In de periode van 13-20 februari 2001 heeft [eiser] dit bedrag niet aan Ilias overgemaakt, maar op instructie van [betrokkene 1] in drie betalingen overgeschreven naar een Spaanse bankrekening van [betrokkene 1] (ƒ 200.000,-- en ƒ 120.978,13) en naar de bankrekening van diens zuster (ƒ 20.000,--). Ilias heeft de koopsom aldus nooit ontvangen. In 2002 is [betrokkene 1] als bestuurder ontslagen; hij overleed in februari 2003. Oordeel hof — Het hof Amsterdam heeft, veronderstellenderwijs aannemende dat [betrokkene 1] een geldige betalingsopdracht aan [eiser] had gegeven, geoordeeld dat de notariële zorgplicht in de gegeven omstandigheden meebracht dat [eiser] bij een andere vertegenwoordiger van Ilias navraag had moeten doe…
Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken