Hoge Raad 9 december 1983 — Civiel recht
Instantie en datum — Hoge Raad, 9 december 1983, ECLI:NL:HR:1983:AG4713, zaaknummer 6530, cassatie. Kernvraag — Wat is de betekenis van "eigen gebruik" in art. 1623e lid 1 onder 3° BW, en staat de omstandigheid dat de verhuurder zijn eigen woonruimtebehoefte zelf in het leven heeft geroepen in de weg aan het oordeel dat hij het verhuurde dringend nodig heeft voor eigen gebruik? Feiten — Verzoeker heeft als verhuurder de kantonrechter te Haarlem verzocht het eindtijdstip van de huurovereenkomst vast te stellen op grond van dringend eigen gebruik. De kantonrechter wees het verzoek toe. In hoger beroep vernietigde de rechtbank deze beschikking en wees de vordering alsnog af, onder meer omdat het belang dat verzoeker als vader wilde dienen niet als eigen belang kon gelden, en omdat hij de omstandigheid dat zijn woonruimte te beperkt is geworden zelf in het leven had geroepen. Oordeel hof — De rechtbank oordeelde dat van "eigen gebruik" slechts sprake kan zijn indien de verhuurder door het verhuurde aan een ander in gebruik te geven zijn eigen belang dient, en dat hiervan niet was gebleken. Voorts oordeelde de rechtbank dat reeds omdat verzoeker de krapte in zijn woonruimte zelf had veroorzaakt, de vraag naar dringend eigen gebruik ontkennend moest worden beantwoord. De vordering werd afgewezen. Overwegingen — In r.o. 3.1 verwerpt de Hoge Raad de klacht tegen het oordeel van de rechtbank over de betekenis van "eigen gebruik". De term moet worden verstaan in de zin die de Hoge Raa…
Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken