Gerechtshof Arnhem 9 december 2008 — Civiel recht
Instantie en datum — Gerechtshof Arnhem, 9 december 2008, ECLI:NL:GHARN:2008:BH6260, zaaknummer 104.004.020, hoger beroep. Kernvraag — Is door bevrijdende verjaring een erfdienstbaarheid van weg ontstaan ten gunste van het perceel van appellanten, en zo ja, moet de eigenaar van het dienend erf een verzwaring van het oorspronkelijke gebruik dulden? Feiten — Partijen zijn buren aan dezelfde straat. Op het perceel van appellanten is een interieurbedrijf gevestigd; geïntimeerden exploiteren een textielgroothandel. Tussen de bebouwing op beide percelen loopt een grintweg van circa 3,95 meter breed en 60 meter lang, waarvan ongeveer tweederde op grond van geïntimeerden ligt. De rechtsvoorganger van appellanten (familie A) had op eigen grond een garage/carport gebouwd die alleen via de grintweg bereikbaar was; deze is bij de aankoop door appellanten in juni 1998 gesloopt. In 2004 heeft appellanten op het achterste deel van haar perceel een bedrijfshal gebouwd. In december 2005 heeft geïntimeerden een hekwerk geplaatst en in juni 2007 een balk boven de grintweg aangebracht, waardoor het achterterrein van appellanten voor vrachtwagens onbereikbaar is geworden. Overwegingen — In r.o. 4.5 bespreekt het hof het toepasselijke overgangsrecht. Onder oud recht kon een niet te goeder trouw zijnde bezitter geen erfdienstbaarheid verkrijgen door bevrijdende verjaring, maar bezit van een voortdurende en zichtbare erfdienstbaarheid was wel mogelijk. Naar huidig recht is verkrijging door verjarin…
Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken