ECLI:NL:GHARL:2025:846

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 2025-02-11 — Civiel recht

Samenvatting

Instantie en datum — Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 11 februari 2025, ECLI:NL:GHARL:2025:846, zaaknummer 200.323.541/01, hoger beroep. Kernvraag — Of de tussenpersoon (Finesse Adviesgroep) de afnemer vergunningplichtig heeft geadviseerd bij het aangaan van een effectenleaseovereenkomst met Dexia, en of Dexia dat wist of behoorde te weten, zodat de volledige vergoedingsplicht van Dexia in stand blijft. Feiten — De afnemer heeft via tussenpersoon Finesse Adviesgroep een effectenleaseovereenkomst gesloten met Dexia. De tussenpersoon trad op als effectenbemiddelaar (cliëntenremisier) in de zin van art. 1b onder 1 Wte (oud), maar beschikte niet over de vergunning als bedoeld in art. 7 lid 1 Wte (oud). Dexia vorderde een verklaring voor recht dat zij na betaling van € 1.108,28 aan al haar verplichtingen had voldaan. De kantonrechter wees de vorderingen van Dexia af; Dexia stelde hoger beroep in. Overwegingen — Het hof behandelt achtereenvolgens verjaring, de gebruikelijke werkwijze van tussenpersonen, de advisering in dit specifieke geval en de wetenschap bij Dexia. Verjaring (r.o. 3.1): Het verjaringsverweer van Dexia faalt. De afnemer heeft binnen vijf jaar na de eindafrekening een sommatiebrief gestuurd met een beroep op art. 6:162 BW en zich alle rechten voorbehouden. Vervolgens heeft de afnemer tijdig een opt-out-verklaring aan de notaris gezonden en zijn opvolgende stuitingsbrieven verstuurd. Dexia wist of behoorde te begrijpen dat de afnemer hiermee de verjaring van zijn sc…

Gerelateerde uitspraken

Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken