ECLI:NL:GHARL:2024:865

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 2024-02-06 — Civiel recht

Samenvatting

Instantie en datum — Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 6 februari 2024, ECLI:NL:GHARL:2024:865, zaaknummer 200.272.606, hoger beroep. Kernvraag — Wist Dexia, of behoorde zij te weten, dat tussenpersoon [de tussenpersoon] afnemers vergunningplichtig adviseerde over effectenleaseproducten zonder over de daartoe vereiste vergunning te beschikken, zodat Dexia de volledige schade van [geïntimeerde] dient te vergoeden? Feiten — [Geïntimeerde] heeft via tussenpersoon [de tussenpersoon] een effectenleaseovereenkomst (Profit Effect) gesloten met Dexia. [De tussenpersoon] bemiddelde naast effectenlease ook in consumptief krediet en bood het Dexia-product aan als geschikt middel om via de te verwachten opbrengst een krediet met lage maandlasten af te lossen. In hoger beroep had het hof bij tussenarrest van 8 juni 2021 al geoordeeld dat [de tussenpersoon] [geïntimeerde] een op zijn persoon toegesneden advies had gegeven; [geïntimeerde] werd vervolgens toegelaten tot het bewijs dat Dexia dit wist of behoorde te weten. Ter uitvoering van die bewijsopdracht zijn drie getuigen gehoord. Overwegingen — Het hof stelt in r.o. 2.3 het juridisch kader vast aan de hand van de prejudiciële beslissing HR 10 juni 2022 (ECLI:NL:HR:2022:862): van niet-toegestane advisering is sprake indien een tussenpersoon zonder vergunning een gepersonaliseerde aanbeveling heeft gedaan, dat wil zeggen een aanbeveling die is voorgesteld als geschikt voor de betrokken afnemer of berust op een afweging van diens persoonlij…

Gerelateerde uitspraken

Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken