ECLI:NL:GHARL:2024:6663

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 2024-10-29 — Civiel recht

Samenvatting

Instantie en datum — Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 29 oktober 2024, ECLI:NL:GHARL:2024:6663, zaaknummer 200.330.109/01, hoger beroep. Kernvraag — Heeft tussenpersoon Spaar Select bij de totstandkoming van de effectenleaseovereenkomst vergunningplichtig beleggingsadvies gegeven aan de afnemer, en wist Dexia dit of behoorde zij dit te weten? Tevens aan de orde: is de vordering van de afnemer verjaard? Feiten — De afnemer sloot twee effectenleaseovereenkomsten met Dexia via tussenpersoon Spaar Select. Spaar Select trad op als cliëntenremisier en kon aanspraak maken op de generieke vrijstelling van artikel 12 lid 1 Vrijstellingsregeling Wte (oud), maar beschikte niet over een vergunning om tevens als beleggingsadviseur op te treden. Na beëindiging van de overeenkomsten bleek uit de eindafrekening dat de afnemer verlies had geleden. Dexia vorderde in eerste aanleg een verklaring voor recht dat zij aan al haar verplichtingen had voldaan en niets meer aan de afnemer was verschuldigd. De kantonrechter wees deze vorderingen af; Dexia stelde hoger beroep in. Overwegingen — Het hof behandelt achtereenvolgens verjaring, advisering door Spaar Select en de wetenschap van Dexia. Verjaring (r.o. 3.1–3.4): De verjaringstermijn van vijf jaar (art. 3:310 lid 1 BW) begon te lopen op de datum van de eindafrekening. De afnemer heeft de verjaring tijdig gestuit door een eerste sommatiebrief (beroep op art. 6:162 BW met voorbehoud van andere grondslagen) en vervolgens door in 2009, 2012, 2015, 201…