Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 1 maart 2016 — Civiel recht
Instantie en datum — Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 1 maart 2016, ECLI:NL:GHARL:2016:1543, zaaknummer 200.141.835/01, hoger beroep. Kernvraag — Kan appellant nakoming (herstel) van een gebrekkige creteprint-betonvloer vorderen van de onderaannemer, ondanks het eerdere schuldeisersverzuim van appellant wegens het op onjuiste gronden weigeren van door de onderaannemer aangeboden herstelwerkzaamheden? Feiten — Appellant liet in 2007/2008 een nieuw woonhuis bouwen en contracteerde via hoofdaannemer [C] de geïntimeerde voor het aanbrengen van circa 266 m² creteprint. Kort na oplevering bleek de vloer craquelé te vertonen. Geïntimeerde bood in september 2009 nabehandeling aan en voerde reeds een proefvlakje uit, maar appellant liet de werkzaamheden staken. Nadat [C] failliet ging, cedeerde de curator de garantievorderingen van [C] jegens geïntimeerde aan appellant; appellant sommeerde geïntimeerde bij brief van 29 september 2010 tot herstel. In eerste aanleg vorderde appellant schadevergoeding; de rechtbank wees die vordering af wegens schuldeisersverzuim aan de zijde van appellant. In hoger beroep wijzigde appellant zijn eis naar nakoming (herstel). Overwegingen — Het hof stelt op basis van het deskundigenbericht vast dat het "mild" verwijderen van de mislukte kleurlaag en het aanbrengen van een nieuwe toplaag voldoende is om de craquelé-vorming te verhelpen (r.o. 7.3). De vorstschade, die zich aan het oppervlak bevindt, wordt eveneens weggenomen door verwijdering van de toplaag…
Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken