ECLI:NL:GHAMS:2016:1178

Gerechtshof Amsterdam 29 maart 2016 — Civiel recht

Samenvatting

Instantie en datum — Gerechtshof Amsterdam, 29 maart 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:1178, zaaknummer 200.166.057/01, hoger beroep. Kernvraag — Heeft de huurder van bedrijfsruimte de huurovereenkomst rechtsgeldig buitengerechtelijk ontbonden wegens een door brand ontstaan gebrek, gelet op de door haar gestelde herstelsom­matie en de omstandigheid dat verhuurders meer dan vijf maanden na de brand geen wezenlijke herstelwerkzaamheden hadden verricht? Feiten — Verhuurders verhuurden bedrijfsruimte (schoonheidssalon) aan huurster op basis van een ROZ-huurovereenkomst met de ROZ-AV bedrijfsruimte ex art. 7:290 BW. Op 7 juli 2013 brak brand uit op de eerste en tweede verdieping van het pand, waardoor rook- en waterschade ontstond in het gehuurde, dat daardoor redelijkerwijs niet meer geschikt was als schoonheidssalon. In september 2013 betrok huurster tijdelijke vervangende bedrijfsruimte van verhuurders. Verhuurders stelden dat zij niet eerder met herstel konden beginnen dan na toezeggen van dekking en een voorlopige uitkering door de opstalverzekeraar; wanneer dat plaatsvond bleef onduidelijk. Bij brief van 2 december 2013 sommeert huursters advocaat verhuurders het gehuurde uiterlijk 1 januari 2014 hersteld en ter beschikking te stellen. Verhuurders voldeden hieraan niet; bij brief van 31 januari 2014 ontbond huurster de huurovereenkomst per 1 februari 2014. Overwegingen — Het hof behandelt de grieven 1 tot en met 18 gezamenlijk. Ten aanzien van het gebrek (r.o. 3.3.3) onderschrijft h…

Gerelateerde uitspraken

Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken