ECLI:NL:RBARN:2006:AZ4008

Rechtbank Arnhem 2006-10-05 — Civiel recht

Samenvatting

Instantie en datum — Rechtbank Arnhem (voorzieningenrechter), 5 oktober 2006, ECLI:NL:RBARN:2006:AZ4008, zaaknummer 145161 / KG ZA 06-565, kort geding. Kernvraag — Kan een derde die stelt te goeder trouw eigenaar te zijn geworden van een beslagen zaak, in kort geding opheffing van het beslag of een verkoopverbod vorderen tegen uitsluitend de executant, zonder de geëxecuteerde te dagvaarden? Feiten — De gemeente Nijmegen legde op 14 augustus 2006 executoriaal beslag op een Audi A4 van de geëxecuteerde ([betrokkene]). Nadat de beslagbeschikking aan [betrokkene] was betekend, reed hij de auto weg en verkocht en leverde hij deze dezelfde ochtend aan autohandelaar [eiser]. Op 15 augustus 2006 deelde de politie [eiser] mede dat de auto aan het beslag was onttrokken; [eiser] gaf de auto de volgende dag af aan de politie, waarna deze ter beschikking werd gesteld aan de deurwaarder. De deurwaarder weigerde de auto op verzoek van [eiser] terug te geven. Overwegingen — [eiser] vorderde primair afgifte van de auto en opheffing van het beslag, subsidiair een verbod de auto te verkopen zolang de eigendomsvraag niet in rechte is vastgesteld, onder beroep op de derdenbescherming van art. 453a lid 2 Rv. De voorzieningenrechter stelt vast dat [eiser] niet-ontvankelijk is, zonder inhoudelijke behandeling van de vorderingen. Op grond van art. 438 lid 5 Rv dient een derde die zich tegen een aangevangen of voorgenomen executie wil verzetten, zowel de executant als de geëxecuteerde te dagvaarden (…