ECLI:NL:HR:2018:1902

Hoge Raad 2018-10-12 — Civiel recht

Samenvatting

Instantie en datum — Hoge Raad, 12 oktober 2018, ECLI:NL:HR:2018:1902, zaaknummer 17/03938, cassatie. Kernvraag — Kan Zilveren Kruis op grond van onverschuldigde betaling declaraties terugvorderen die MCR heeft ingediend zonder de vereiste verwijzing door een huisarts of medisch specialist? En staat de beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid (art. 6:248 lid 2 BW) aan die terugvordering in de weg vanaf het moment dat Zilveren Kruis wetenschap kreeg van de onjuiste declaraties? Feiten — MCR is een zelfstandig behandelcentrum dat in de periode 2007-2010 zorgovereenkomsten had met Zilveren Kruis. Op grond van die overeenkomsten kwamen alleen laboratoriumonderzoeken aangevraagd door een bevoegde verwijzer (huisarts of medisch specialist) voor vergoeding in aanmerking. MCR maakte voor het declareren gebruik van Mediparc, waarbij elektronisch werd gedeclareerd via het Vecozo-systeem. In de ingediende declaraties stond in veld 0418 als default "huisarts" als verwijzer vermeld, ook waar dat feitelijk onjuist was. In juli 2009 ontving Zilveren Kruis een klacht over een weigeringsbeslissing voor een correct ingevulde declaratie (zonder huisartsverwijzing), waarop zij steekproefsgewijs onderzoek deed en constateerde dat in een groot deel van de declaraties geen geldige verwijzing aanwezig was. Zilveren Kruis stelde MCR hiervan pas in juli 2010 in kennis. De rechtbank had de volledige vordering van € 1.313.402,35 toegewezen; het hof verminderde dit tot € 635.114,35 door op…