Hoge Raad 2016-07-08 — Civiel recht
Instantie en datum — Hoge Raad, 8 juli 2016, ECLI:NL:HR:2016:1511, zaaknummer 15/00608, cassatie. Kernvraag — Welke uitlegmaatstaf geldt voor een contractuele renteclausule opgenomen in een notariële hypotheekakte: de objectieve uitlegmaatstaf die geldt voor de vestiging van beperkte rechten, of de Haviltex-maatstaf? Voorts: bevat de door het hof gemaakte berekening van de restantschuld een rekenfout? Feiten — Partijen hebben in 2009 een aandelentransactie gesloten waarbij [verweerder] c.s. een geldlening verstrekten aan [verzoekster] om de koopsom van NAF 825.000,-- deels te financieren. Tot zekerheid werd een hypotheekrecht gevestigd op registergoederen van de vennootschap. In de hypotheekakte is een hoofdsom van NAF 680.170,-- vermeld, terug te betalen in twee renteloze termijnen van NAF 35.000,-- en 36 maandelijkse termijnen van NAF 20.000,--, totaal NAF 720.000,--, alsmede een rentebeding van 6% per jaar. Na betaling van de twee renteloze termijnen en NAF 161.500,-- werden de registergoederen executoriaal verkocht voor NAF 622.793,--. In geschil is of het bedrag van NAF 720.000,-- al dan niet inclusief de overeengekomen rente was. Het hof heeft in conventie het vonnis van het gerecht bevestigd (afwijzing van de vordering van [verzoekster]) en in reconventie [verzoekster] veroordeeld tot betaling van NAF 42.601,75 aan restantschuld. Oordeel hof — Het hof paste de objectieve uitlegmaatstaf toe die geldt voor notariële akten strekkende tot de vestiging van beperkte rechten…
Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken