ECLI:NL:HR:2011:BQ1684

Hoge Raad 2011-07-08 — Civiel recht

Samenvatting

Samenvatting HR 8 juli 2011 (G4 / Hanzevast) Kernvraag Kan een partij vergoeding van het positief contractsbelang (schade wegens het niet doorgaan van de overeenkomst) vorderen zonder dat de overeenkomst formeel is ontbonden, wanneer de wederpartij een ongerechtvaardigde ontbindingsverklaring heeft uitgebracht en haar verzuim niet heeft gezuiverd? Feiten (kort) G4 ontwikkelde het Euroborg-project in Groningen. Hanzevast kocht kantoorruimte daarin. Na meningsverschil over opleveringsniveau en meerkosten verklaarde Hanzevast in 2005 de koopovereenkomst ontbonden. G4 vorderde schadevergoeding (positief contractsbelang, ca. €3,9 mln.), stellende dat de ontbinding ten onrechte was. Overwegingen rechter Rechtbank: Hanzevast pleegde wanprestatie; de ontbinding was ongerechtvaardigd. Vorderingen grotendeels toegewezen. Hof: Ook veronderstellenderwijs aannemend dat Hanzevast wanprestatie pleegde, wees het hof de schadevordering toch af. Reden: schade wegens "het niet doorgaan van de overeenkomst" is alleen toewijsbaar ná ontbinding (via art. 6:277 lid 1 BW). Zolang de overeenkomst niet is ontbonden, heeft de tekortschietende partij recht op zuivering van verzuim (art. 6:86 BW). Hoge Raad: Het hof oordeelde ten onrechte. Indien de wederpartij een ongerechtvaardigde ontbindingsverklaring heeft uitgebracht én haar verzuim niet heeft gezuiverd, kan zij niet aan een vordering tot vergoeding van het positief contractsbelang tegenwerpen dat de overeenkomst niet formeel is ontbonden. Ontbind…