Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 2024-09-17 — Civiel recht
Instantie en datum — Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (locatie Leeuwarden), 17 september 2024, ECLI:NL:GHARL:2024:5851, zaaknummer 200.325.933/01, hoger beroep. Kernvraag — Of de tussenpersoon (werkzaam voor NBG Finance en/of Thuisadvies) bij de totstandkoming van een effectenleaseovereenkomst vergunningplichtig beleggingsadvies heeft verstrekt aan de afnemer, en of Dexia dat wist of behoorde te weten, zodat de billijkheidscorrectie van art. 6:101 BW meebrengt dat de volledige vergoedingsplicht van Dexia in stand blijft. Feiten — De heer [naam1], werkzaam voor zowel NBG Finance als Thuisadvies, trad op als tussenpersoon bij de totstandkoming van een effectenleaseovereenkomst tussen Dexia en [geïntimeerde]. Geen van beide tussenpersonen beschikte over een vergunning als bedoeld in art. 7 lid 1 Wte 1995. Volgens [geïntimeerde] informeerde de adviseur naar zijn financiële situatie en wensen, waarna hij een specifiek effectenleaseproduct van Dexia als passend voor zijn situatie aanbeval. [geïntimeerde] volgde dit advies op en ging de overeenkomst aan. De kantonrechter wees de vordering van [geïntimeerde] tot vergoeding van schade (op één onderdeel na) toe en verklaarde Dexia niet-ontvankelijk in haar tegenvordering. Overwegingen — Het beroep op verjaring (r.o. 4.5-4.8) slaagt niet. De eerste sommatiebrief, gestuurd binnen vijf jaar na beëindiging van de overeenkomst, bevatte een beroep op art. 6:162 BW en een sommatie tot terugbetaling; dit volstaat voor een geldige stuiting als be…
Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken