ECLI:NL:GHARL:2024:5850

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 2024-09-17 — Civiel recht

Samenvatting

Instantie en datum — Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 17 september 2024, ECLI:NL:GHARL:2024:5850, zaaknummer 200.321.588/01, hoger beroep. Kernvraag — Heeft tussenpersoon NBG Finance aan de afnemer van een effectenleaseovereenkomst vergunningplichtig beleggingsadvies verleend in de zin van de Wte 1995, en wist Dexia dit of behoorde zij dit te weten, zodat de billijkheid vereist dat haar volledige vergoedingsplicht in stand blijft? Feiten — Tussen Dexia en geïntimeerde is een effectenleaseovereenkomst tot stand gekomen via tussenpersoon NBG Finance, die optrad als cliëntenremisier en daartoe een vergunningvrije vrijstelling genoot. NBG Finance beschikte niet over de vergunning vereist voor beleggingsadvies. Geïntimeerde stelt dat een met name genoemde medewerker van NBG Finance hem na een persoonlijk gesprek, waarbij zijn financiële wensen en situatie zijn besproken, heeft geadviseerd het specifieke effectenleaseproduct van Dexia af te nemen, omdat dit product geschikt was voor zijn situatie. Dexia vorderde een verklaring voor recht dat geïntimeerde niets meer van haar te vorderen heeft; de kantonrechter wees die vordering af. Overwegingen — Het hof stelt voorop dat op grond van HR 2016 (ECLI:NL:HR:2016:2012) en HR 2022 (ECLI:NL:HR:2022:862) een cliëntenremisier de vrijstelling te buiten gaat indien hij een bepaalde afnemer het aangaan van een specifieke effectenleaseovereenkomst aanbeveelt via een gepersonaliseerde aanbeveling, dat wil zeggen een aanbeveling die is voorgesteld…

Gerelateerde uitspraken

Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken