Raad van State 2020-02-12 — Bestuursrecht
Instantie en datum — Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State, 12 februari 2020, ECLI:NL:RVS:2020:423, zaaknummers 201504577/2/A3, 201507057/2/A3, 201508588/2/A3, 201601993/2/A3, 201604943/1/A3 en 201608752/1/A3, hoger beroep (na prejudiciële verwijzing aan het HvJ EU). Kernvraag — Verdraagt het van rechtswege verlies van de Nederlandse nationaliteit — en daarmee van het Unieburgerschap — op grond van artikel 15 lid 1 onder c en artikel 16 lid 1 onder d RWN zich met artikel 20 VWEU, en zo ja: op welke wijze dient de minister de vereiste individuele evenredigheidstoetsing te verrichten en naar welk tijdstip? Feiten — Zes Nederlanders woonachtig buiten de EU verzochten elk om een nationaal paspoort. De minister stelde de aanvragen buiten behandeling omdat de betrokkenen het Nederlanderschap van rechtswege hadden verloren op grond van artikel 15 lid 1 onder c RWN (tien jaar onafgebroken hoofdverblijf buiten Nederland en de EU, terwijl zij tevens een vreemde nationaliteit bezaten) of artikel 16 lid 1 onder d RWN (als minderjarige meegevallen verlies door een ouder). De rechtbank Den Haag verklaarde de beroepen in alle zes zaken ongegrond. Bij verwijzingsuitspraak van 19 april 2017 (ECLI:NL:RVS:2017:1098) stelde de Afdeling prejudiciële vragen aan het HvJ EU; bij arrest van 12 maart 2019 (ECLI:EU:C:2019:189, het Tjebbes-arrest) beantwoordde het Hof die vragen. Overwegingen — Het Hof oordeelde in het Tjebbes-arrest dat artikel 20 VWEU op zichzelf niet in de weg staat aan…
Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken