Rechtbank Gelderland 31 maart 2021 — Civiel recht; Verbintenissenrecht
Instantie en datum — Rechtbank Gelderland, 31 maart 2021, ECLI:NL:RBGEL:2021:2344, zaaknummer C/05/373938 / HA ZA 20-439, eerste aanleg enkelvoudig. Kernvraag — Wie is eigenaar van de beukenhaag en de grond tussen de beukenhaag en de kadastrale erfgrens, en op welke hoogte dient de mandelige meidoornhaag te worden gehouden? Feiten — Partijen zijn buren. De beukenhaag staat op het perceel van eisers, op circa 85 cm van de kadastrale erfgrens; de meidoornhaag loopt in het verlengde daarvan en de kadastrale erfgrens loopt in de lengterichting onder die haag door. Gedaagde heeft de strook grond tussen de beukenhaag en de erfgrens bestraat en zijn brievenbus bij de beukenhaag geplaatst. Eisers stelden dat de beukenhaag geheel hun eigendom is en dat gedaagde deze niet zonder toestemming mag snoeien. Gedaagde beriep zich op verjaring ten aanzien van de hagen, de ondergrond en de strook grond, en stelde subsidiair dat partijen in 1996 een afspraak hadden gemaakt om de hagen op maximaal 1,40 meter te houden. Overwegingen — De rechtbank behandelt conventie en reconventie gezamenlijk. Ten aanzien van de gestelde afspraak over het onderhoud van de hagen overweegt de rechtbank (r.o. 4.2) dat gedaagde ter zitting heeft erkend dat geen afspraak bestond op grond waarvan hij het onderhoud zou verrichten; hij deed dit uit eigen beweging omdat het hem netjes leek. Ten aanzien van de verkrijgende verjaring van de hagen (r.o. 4.4–4.5) wijst de rechtbank erop dat bezit vereist een voor anderen zi…
Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken