ECLI:NL:HR:2020:561

Hoge Raad 2020-04-03 — Bestuursrecht; Belastingrecht

Samenvatting

Instantie en datum — Hoge Raad, 3 april 2020, ECLI:NL:HR:2020:561, zaaknummer 18/01389, cassatie. Kernvraag — Mag bij de berekening van verschuldigde bpm ter zake van de registratie van een uit Duitsland ingevoerde gebruikte personenauto worden uitgegaan van de op het buitenlandse kentekenbewijs vermelde CO2-uitstoot (316 gr/km), ook als in Nederland geregistreerde personenauto's van hetzelfde merk, type en uitvoering een lagere CO2-uitstoot hebben (268 of 284 gr/km), en levert dat een schending op van artikel 110 VWEU? Feiten — Belanghebbende, een VOF, heeft een gebruikte Ford Mustang GT V8 Coupé vanuit Duitsland naar Nederland overgebracht; de auto werd op 6 januari 2016 in het Nederlandse kentekenregister geregistreerd. De auto is gebouwd in de VS en op 8 april 2011 voor het eerst toegelaten in Duitsland. Het door de TÜV afgegeven Duitse kentekenbewijs vermeldt een CO2-uitstoot van 316 gr/km, vastgesteld met behulp van een database van eerder gemeten voertuigen. Belanghebbende heeft de bpm berekend op basis van artikel 10b van de Wet bpm 1992, uitgaande van het tarief en de maatstaf van 2011, maar daarbij een CO2-uitstoot van 284 gr/km gehanteerd, omdat in Nederland geregistreerde personenauto's van hetzelfde merk, type en uitvoering in het kentekenregister 284 gr/km vermelden. De inspecteur heeft nageheven op basis van 316 gr/km. Oordeel hof — Het Hof Den Haag heeft geoordeeld dat de inspecteur terecht is uitgegaan van een CO2-uitstoot van 316 gr/km, nu die uitstoot is v…

Gerelateerde uitspraken

Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken