Hoge Raad 2018-02-16 — Civiel recht
Instantie en datum — Hoge Raad, 16 februari 2018, ECLI:NL:HR:2018:220, zaaknummer 17/02563, cassatie (beschikking). Kernvraag — Kan de arbeidsovereenkomst worden ontbonden op de g-grond (verstoorde arbeidsverhouding) ook als de werknemer van die verstoring geen verwijt kan worden gemaakt en/of de werkgever daarvan wel een verwijt kan worden gemaakt? Daarnaast speelt de vraag of bij de berekening van de transitievergoeding het dienstverband bij de rechtsvoorganger (Digihuis) moet worden meegeteld, en of het niet-hervatten van de tewerkstelling na de uitvoerbaar bij voorraad verklaarde beschikking van de kantonrechter ernstig verwijtbaar handelen oplevert dat recht geeft op een billijke vergoeding. Feiten — Werknemer is op 8 april 2009 in dienst getreden bij verweerster als IT-specialist, nadat hij eerder bij Digihuis had gewerkt. De arbeidsverhouding is in de loop der jaren verslechterd door een aanhoudende e-mailcorrespondentie van werknemer over diverse geschilpunten (o.a. de auto van de zaak en een onderhoudsweekend), leidend tot irritatie bij leidinggevenden en het uit de weg gaan door collega's. In 2016 heeft werkgever vastgesteld dat werknemer jarenlang bedrijfsinformatie naar zijn privé-e-mailadres had doorgestuurd, waarna hij op non-actief is gesteld. De kantonrechter heeft het ontbindingsverzoek afgewezen en de schorsing opgeheven; het hof heeft in hoger beroep de arbeidsovereenkomst per 1 april 2017 alsnog ontbonden op de g-grond en de transitievergoeding toegekend…
Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken