ECLI:NL:HR:2014:702

Hoge Raad 2014-03-25 — Strafrecht

Samenvatting

Instantie en datum — Hoge Raad der Nederlanden, 25 maart 2014, ECLI:NL:HR:2014:702, zaaknummer S 11/05255, cassatie. Kernvraag — Kan het verwerven of voorhanden hebben van voorwerpen die "middellijk" afkomstig zijn uit een door de verdachte zelf begaan misdrijf worden gekwalificeerd als witwassen in de zin van art. 420bis Sr, zonder de aanvullende motiveringseis die geldt bij "onmiddellijk" uit eigen misdrijf afkomstige voorwerpen? Feiten — Verdachte is veroordeeld wegens medeplegen van oplichting (feit 1) en witwassen (feit 4). De oplichting bestond uit telefonische verkoop van waardeloze aandelen via valse hoedanigheid, waardoor circa 2004 beleggers geldbedragen overschreven naar bankrekeningen op naam van een derde ([A]). Verdachte verwierf met de opbrengsten een woning, een Porsche 911 Turbo, een Mercedes A140, een plasma televisie en diverse buitenlandse banktegoeden. De banktegoeden op Isle of Man en Barbados waren door omzetting van de via de [A]-rekeningen ontvangen gelden ontstaan. Oordeel hof — Het hof oordeelde dat de verworven voorwerpen middellijk dan wel onmiddellijk afkomstig waren uit het door verdachte gepleegde oplichtingmisdrijf en kwalificeerde het voorhanden hebben en verwerven als witwassen. Het hof wees het verweer van de raadsman af dat de herkomst mede kon worden verklaard door een bonus verkregen vóór de tenlastegelegde periode, nu bepalend is het tijdstip van verwerving of voorhanden hebben van het door misdrijf verkregen voorwerp. Overwegingen — I…

Gerelateerde uitspraken

Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken