Hoge Raad 2013-07-02 — Strafrecht
Instantie en datum — Hoge Raad, 2 juli 2013, ECLI:NL:HR:2013:7, zaaknummer S 12/01359, cassatie (ingesteld door de Advocaat-Generaal bij het Hof). Kernvraag — Kunnen het vertrouwensbeginsel en het beginsel van redelijke en billijke belangenafweging in de omstandigheden van dit geval — jarenlang feitelijk gedogen van overtredingen van gedoogvoorwaarden door coffeeshop Checkpoint in Terneuzen, mede in het kader van driehoeksoverleg — de niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie in de strafvervolging dragen? Feiten — Verdachte exploiteerde coffeeshop Checkpoint in Terneuzen op basis van een gedoogverklaring van de burgemeester (meest recent van 15 november 2005). De coffeeshop bediende voor circa 90% buitenlandse klanten (Belgen en Fransen) en werkte stelselmatig met voorraden die de gedoogde 500 gram ver overschreden. Op 1 juni 2007 deed politie een inval waarbij grote hoeveelheden softdrugs in beslag werden genomen; verdachte werd in verzekering gesteld maar op 4 juni 2007 geschorst uit bewaring. Checkpoint bleef daarna nog circa een jaar open draaien. Het openbaar ministerie weigerde de burgemeester een proces-verbaal te verstrekken dat hem in staat zou stellen tot bestuursrechtelijke sluiting op grond van artikel 13b Opiumwet over te gaan. Het hof ('s-Gravenhage) verklaarde het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk wegens schending van het vertrouwensbeginsel en het beginsel van redelijke en billijke belangenafweging. Oordeel hof — Het hof oordeelde dat verdachte, g…
Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken