Hoge Raad 2011-04-15 — Bestuursrecht; Belastingrecht
Instantie en datum — Hoge Raad, 15 april 2011, ECLI:NL:HR:2011:BN6324, zaaknummer 09/03075, cassatie. Kernvraag — Zijn navorderingsaanslagen IB/PVV over de jaren 1990–2000, opgelegd aan een ontkenner in het KB-Lux rekeningenproject op basis van een modelmatige schatting (de zogenoemde applicatie "correcties"), redelijk en niet willekeurig? En rust de bewijslast voor beboetbare feiten bij de inspecteur, ook wanneer de belastingplichtige niet heeft meegewerkt aan de informatieverplichting? Feiten — De Belgische Bijzondere belastinginspectie verstrekte in 2000 microfiches aan het Nederlandse Ministerie van Financiën met saldi van rekeningen bij KB-Lux per 31 januari 1994. Belanghebbende werd geïdentificeerd als rekeninghouder met een saldo van f 138,19 op een rekening-courant. Hij ontkende steeds een buitenlandse rekening te hebben aangehouden en werkte niet mee aan het verstrekken van gevraagde gegevens. De inspecteur legde navorderingsaanslagen op over 1990–2000, berekend aan de hand van een modelmatige schatting gebaseerd op correctiegegevens van meewerkers, vermenigvuldigd met een factor 1,5 (de "95%-norm" met verhoging). Het hof Amsterdam verklaarde de beroepen deels gegrond, verminderde de navorderingsaanslagen en boeten, en liet de factor 1,5 buiten beschouwing. Oordeel hof — Het hof oordeelde dat de omkering van de bewijslast gerechtvaardigd was wegens schending van de informatieverplichting van art. 47 lid 1 aanhef en letter a AWR. Het hof liet de factor 1,5 buiten bes…
Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken