ECLI:NL:HR:2010:BL7165

Hoge Raad 2010-03-12 — Bestuursrecht; Belastingrecht

Samenvatting

Instantie en datum — Hoge Raad, 12 maart 2010, ECLI:NL:HR:2010:BL7165, zaaknummer 08/04868, cassatie. Kernvraag — Of de inspecteur bij het vaststellen van de primitieve aanslag over 2002 een ambtelijk verzuim heeft begaan dat navordering verhindert, doordat hij een aangifte overeenkomstig had vastgesteld terwijl een deel van de afgetrokken lijfrentepremies niet door een renseignement was gedekt. Feiten — Belanghebbende had twee verzekeringspolissen: een zuivere lijfrentepolis (premie € 1.361,40, door de verzekeraar gerenseigneerd) en een kapitaalverzekering met lijfrenteclausule (premie € 1.942,18, niet gerenseigneerd en niet aangepast aan de eisen van de Wet IB 2001). Beide premies tezamen (afgerond € 3.303) werden in de aangifte IB/PVV 2002 als aftrekpost opgevoerd. De aanslag werd zonder nader onderzoek overeenkomstig de aangifte vastgesteld. Naar aanleiding van de aangifte 2003 constateerde de inspecteur dat de tweede polis niet aan de aftrekvereisten voldeed, waarna hij een navorderingsaanslag over 2002 oplegde met een vergrijpboete van 25%. Oordeel hof — Het Gerechtshof 's-Hertogenbosch oordeelde dat de inspecteur bij normale zorgvuldige bestudering van de aangifte in redelijkheid had moeten twijfelen aan de juistheid van de aftrekpost, omdat een hoger bedrag was afgetrokken dan gerenseigneerd. Door zonder nader onderzoek een van de mogelijke verklaringen voor dat verschil als juist te aanvaarden, had de inspecteur een ambtelijk verzuim begaan dat aan navordering in de…

Gerelateerde uitspraken

Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken