Hoge Raad 2010-04-16 — Bestuursrecht; Belastingrecht
Instantie en datum — Hoge Raad, 16 april 2010, ECLI:NL:HR:2010:BJ9082, zaaknummer 08/05088, cassatie. Kernvraag — Beschikte de inspecteur over een navordering rechtvaardigend nieuw feit, of had hij bij normale zorgvuldigheid aan de juistheid van de ingediende aangifte moeten twijfelen, gelet op de vermelding van ontvangen giften in de bijlage bij de aangifte en de bekende omstandigheid dat de belastingplichtige als gemoedsbezwaarde mogelijk financiële steun van zijn geloofsgemeenschap had ontvangen voor ziektekosten? Feiten — Belanghebbende is als gemoedsbezwaarde niet verzekerd tegen ziektekosten en wordt aangeslagen in de premievervangende belasting. In 2001 dreef hij een fruitteeltbedrijf en deed aangifte naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van nihil, waarbij € 27.608 aan ziektekosten als buitengewone uitgaven in aanmerking werd genomen. In de als bijlage bij de aangifte gevoegde jaarrekening stond tevens een bedrag van € 37.555 aan ontvangen giften vermeld. De inspecteur legde zonder nader onderzoek een aanslag op overeenkomstig de aangifte. Naar aanleiding van de beoordeling van de aangifte over 2002 nam de inspecteur het standpunt in dat de ziektekosten over 2001 niet op belanghebbende drukten en legde een navorderingsaanslag op. Oordeel hof — Het hof oordeelde, onder verwijzing naar HR 7 december 2007, nr. 43489 (BNB 2008/281), dat de inspecteur bij normale zorgvuldigheid in redelijkheid niet behoefde te twijfelen aan de juistheid van de gevraagde ziektekos…
Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken