ECLI:NL:GHAMS:2021:3919

Gerechtshof Amsterdam 7 december 2021 — Civiel recht; Personen- en familierecht

Samenvatting

Instantie en datum — Gerechtshof Amsterdam, 7 december 2021, ECLI:NL:GHAMS:2021:3919, zaaknummer 200.286.779/01, hoger beroep (beschikking). Kernvraag — Heeft een erfgenaam die de nalatenschap beneficiair heeft aanvaard recht op inzage in en afschrift van de bijlagen die de vereffenaar heeft overgelegd bij zijn verzoek aan de rechter-commissaris tot opheffing van de vereffening op grond van art. 4:209 BW? En welk procesrechtelijk regime is op een dergelijke procedure van toepassing? Feiten — Erflater overleed op 10 december 2016 met schulden van circa € 13 miljoen (bestuurdersaansprakelijkheid wegens boedeltekort na faillissement van een B.V.) en € 2,8 miljoen aan de belastingdienst. Geïntimeerde (hierna: [geïntimeerde]) is de enige erfgenaam die beneficiair heeft aanvaard; de overige erfgenamen hebben verworpen. De rechtbank benoemde een vereffenaar en een rechter-commissaris. De vereffenaar concludeerde dat het gehele nagelaten vermogen een criminele herkomst had en heeft dit op 5 augustus 2020 afgedragen aan de Staat. Op 11 juni 2020 verzocht de vereffenaar de rechter-commissaris de vereffening op de voet van art. 4:209 lid 2 BW op te heffen; bij dat verzoek waren vier bijlagen gevoegd. [geïntimeerde] verzocht afgifte van die bijlagen om zijn standpunt te kunnen bepalen in de opheffingsprocedure. De rechtbank wees dat verzoek gedeeltelijk toe (bijlagen 1 en 2); [geïntimeerde] had bijlage 1 (voorlopige boedelbeschrijving) reeds ontvangen. Overwegingen — Het geschil spitst…

Gerelateerde uitspraken

Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken