College van Beroep voor het bedrijfsleven 2021-08-31 — Bestuursrecht
Instantie en datum — College van Beroep voor het bedrijfsleven, 31 augustus 2021, ECLI:NL:CBB:2021:845, zaaknummer 20/1119, eerste aanleg meervoudig. Kernvraag — Wat moet worden verstaan onder 'start van de activiteiten' in artikel 3, derde lid, aanhef en onder b, van de Regeling subsidie financiering vaste lasten MKB COVID-19 (TVL): de datum van eerste inschrijving in het handelsregister, of een latere datum waarop de onderneming feitelijk en juridisch kon starten? Feiten — Appellante, een horecaonderneming, is op 6 december 2019 ingeschreven in het handelsregister. Zij beschikte pas op 17 februari 2020 over de vereiste drank- en horecavergunning en exploitatievergunning en opende op 20 februari 2020 voor het eerst haar deuren. Verweerder heeft de TVL-aanvraag afgewezen omdat het omzetverlies in de subsidieperiode minder dan 30% bedroeg ten opzichte van de referentieperiode 6 december 2019 tot en met 15 maart 2020. Appellante stelt dat als startdatum 17 februari 2020 moet gelden, zodat de referentieperiode korter is en het omzetverlies anders uitvalt. Overwegingen — Het College stelt in r.o. 6.2 vast dat de TVL niet nader omschrijft wat onder 'start van de activiteiten' moet worden verstaan. Nu de wetgever niet uitdrukkelijk de datum van inschrijving in het handelsregister heeft gebezigd — terwijl elders in de regeling wél die bewoordingen worden gehanteerd — is er geen grond het begrip per definitie daarmee gelijk te stellen. Het College oordeelt dat, indien een ondernemin…
Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken