ECLI:NL:RVS:2016:2582

Raad van State 2016-09-28 — Bestuursrecht

Samenvatting

Instantie en datum — Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, 28 september 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2582, zaaknummer 201604566/1/A2, hoger beroep. Kernvraag — Heeft appellante het risico aanvaard dat de gebruiksmogelijkheid voor woondoeleinden van haar pand zou vervallen, gelet op een brief van de gemeente die het voornemen tot bestemmingswijziging aankondigde? De uitspraak bevat daarnaast een uitgebreid overzicht op hoofdlijnen van de jurisprudentie van de Afdeling inzake tegemoetkoming in planschade op grond van art. 6.1 Wro. Feiten — Appellante kocht op 31 december 2003 een perceel met opstal aan de Rijksstraatweg 49 te Warnsveld. Onder het oude bestemmingsplan (Warnsveld – Oude Kom 1985) was de bovenverdieping voor woondoeleinden te gebruiken. Bij brief van 5 januari 2004 deelde de rechtsvoorganger van het college mee dat de bestemming bij de komende herziening in een horecabestemming zou worden gewijzigd. Het nieuwe bestemmingsplan (Warnsveld Kom Noord 2008, in werking 28 juni 2010) liet bewoning van de bovenverdieping uitsluitend toe indien dat gebruik bestond op het moment van terinzagelegging van het ontwerp (28 mei 2009). Nu de bovenverdieping op dat moment niet als woning in gebruik was, verviel de gebruiksmogelijkheid. Appellante had in de periode tot 28 mei 2009 geen concrete poging gedaan die gebruiksmogelijkheid alsnog te benutten. Overwegingen — De Afdeling geeft (r.o. 1 t/m 8.13) een overzicht op hoofdlijnen van haar jurisprudentie over planschade, z…