ECLI:NL:CRVB:2025:990

Centrale Raad van Beroep 2025-07-17 — Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht

Samenvatting

Instantie en datum — Centrale Raad van Beroep, 17 juli 2025, ECLI:NL:CRVB:2025:990, zaaknummer 19/2748 WIA-T, hoger beroep (tussenuitspraak). Kernvraag — Heeft het Uwv terecht geweigerd per 13 juni 2018 een WIA-uitkering toe te kennen, omdat appellante minder dan 35% arbeidsongeschikt zou zijn, en heeft het Uwv daarbij de diagnose ME/CVS en de daaruit voortvloeiende beperkingen — waaronder een urenbeperking — voldoende meegewogen? Feiten — Appellante werkte tot 1 mei 2016 als pedagogisch begeleider voor 36 uur per week en meldde zich op 15 juni 2016 vanuit de WW ziek met psychische klachten; op 17 september 2016 volgde een hartinfarct. De primaire verzekeringsarts stelde een FML van 25 juli 2018 vast, waarbij geen urenbeperking werd aangenomen maar wel andere beperkingen; een arbeidsdeskundige berekende de mate van arbeidsongeschiktheid op 34,18%, waarna het Uwv bij besluit van 7 augustus 2018 (in bezwaar gehandhaafd bij besluit van 6 november 2018) de WIA-uitkering weigerde. Appellante voerde in hoger beroep aan dat bij haar sprake is van ME/CVS en dat haar beperkingen zijn onderschat, ter onderbouwing waarvan zij rapporten overlegde van cardiologen Visser en Van Campen (Cardiozorg). De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. De Raad benoemde emeritus hoogleraar interne geneeskunde Van der Meer als onafhankelijk deskundige, die rapporteerde op 16 september 2024 en — na zienswijze van het Uwv en nadere vragen — op 28 februari 2025. Overwegingen — De Raad formuleert als ui…

Gerelateerde uitspraken

Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken