ECLI:NL:CRVB:2017:1

Centrale Raad van Beroep 2017-02-22 — Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht

Samenvatting

Instantie en datum — Centrale Raad van Beroep, 22 februari 2017, ECLI:NL:CRVB:2017:1, zaaknummer 16/3530 WMO15, hoger beroep. Kernvraag — Kan een vreemdeling zonder rechtmatig verblijf en zonder aanspraak op COa-voorzieningen aanspraak maken op een maatwerkvoorziening in de vorm van maatschappelijke opvang op grond van de Wmo 2015? Feiten — Appellant is een vreemdeling die ten tijde van belang geen aanspraak had op voorzieningen, verstrekkingen of uitkeringen. Hij verzocht het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam om een tijdelijke maatwerkvoorziening bestaande uit passende maatschappelijke opvang. Het college wees dit verzoek af en verklaarde het bezwaar daartegen ongegrond, onder verwijzing naar artikel 1.2.2 Wmo 2015 (het koppelingsbeginsel). De rechtbank Amsterdam bevestigde dit oordeel. Overwegingen — In r.o. 4.1 herhaalt de Raad zijn vaste lijn dat een positieve verplichting jegens vreemdelingen op grond van artikel 8 EVRM primair rust op het bestuursorgaan belast met de uitvoering van wettelijk geregelde voorzieningen voor vreemdelingen. In r.o. 4.2-4.3 verwijst de Raad naar de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van 24 februari 2014 (ECLI:NL:RVS:2014:722), die inhoudt dat een onrechtmatig verblijvende vreemdeling die meent op grond van verdragsrecht aanspraak op opvang te hebben, zich moet wenden tot de staatssecretaris. Een plaatsing in een vrijheidsbeperkende locatie (VBL) door de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie geldt in het alg…

Gerelateerde uitspraken

Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken