Rechtbank Rotterdam 24 juni 2026 — Civiel recht; Burgerlijk procesrecht
Instantie en datum — Rechtbank Rotterdam, 24 juni 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:7699, zaaknummer C/10/718582, beschikking. Kernvraag — Kan HBL op grond van art. 194 lid 1 Rv (voorlopige bewijsverrichting, inzage door derde) worden verplicht KPN te bevelen de persoonsgegevens te verstrekken van de abonnee aan wie een bepaald IP-adres was toegewezen, teneinde de vermoedelijk onrechtmatig handelende persoon achter nepreviews te kunnen identificeren en in rechte te betrekken? Feiten — Sinds 2025 zijn circa 100 lasterlijke en smadelijke nepreviews over HBL geplaatst op onder meer de website van Feedback Company. De reviews zijn afkomstig van anonieme accounts die geen herkenbare klantervaringen beschrijven en waarvan de teksten en accounts wijzen op gebruik van AI-tooling. Feedback Company heeft aan HBL een lijst IP-adressen verstrekt; daaruit blijkt dat de betreffende persoon via IP-adres [IP-adres] reviews heeft geplaatst. Dat adres was op 21 april 2022 toegewezen aan een klant van KPN. Na 24 juli 2025 is de gebruiker overgestapt op een VPN. KPN weigerde de gevraagde gegevens vrijwillig te verstrekken, maar verklaarde in haar verweerschrift geen bezwaar te hebben tegen verstrekking op grond van een rechterlijk bevel. Overwegingen — De rechtbank toetst het verzoek aan de formele vereisten van art. 197 Rv en de materiële vereisten van art. 194 lid 1 Rv, in verbinding met art. 204 en 195a lid 1 Rv, en beziet of een afwijzingsgrond uit art. 194 lid 2 of 196 lid 2 Rv van toepassing is (r…
Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken