Rechtbank Gelderland 2024-06-11 — Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Instantie en datum — Rechtbank Gelderland, zittingsplaats Zutphen, 11 juni 2024, ECLI:NL:RBGEL:2024:3529, zaaknummer ARN 22/3146, eerste aanleg enkelvoudig. Kernvraag — Heeft het college de aanvragen van eiseres voor een vervoersvoorziening op grond van de Wmo 2015 en bijzondere bijstand op grond van de Pw zorgvuldig beoordeeld, en wat zijn de gevolgen van de geconstateerde gebreken in de besluitvorming? Feiten — Eiseres heeft een WAO-uitkering en lijdt aan ME/CVS. Op 26 maart 2021 heeft zij een melding gedaan voor ondersteuning op grond van de Wmo 2015 en op 29 maart 2021 bijzondere bijstand aangevraagd. Het college heeft bij besluiten van 26 november 2021 de Wmo-aanvraag gedeeltelijk toegekend en de bijzondere bijstand afgewezen. Na bezwaar heeft het college bij besluit van 5 juli 2022 het bezwaar tegen het Wmo-besluit gegrond verklaard (eiseres komt in aanmerking voor de maximale taxikostenvergoeding van € 3.000,- tot 1 juli 2023) en de afwijzing van de bijzondere bijstand gehandhaafd. Eiseres had eerder ook beroep ingesteld wegens niet tijdig beslissen op de bezwaren; dit beroep is ingetrokken. Overwegingen — De rechtbank heeft op de zitting van 15 november 2023 vastgesteld dat uit de dossierstukken onvoldoende valt af te leiden wat de zorgbehoefte van eiseres is en welke voorzieningen zij heeft aangevraagd (r.o. 6). Het college heeft geen enkel aandacht besteed aan de hulpvraag en heeft niet in kaart gebracht welke ondersteuning naar aard en omvang nodig is (r.o. 6). Om…
Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken