ECLI:NL:HR:2003:AE9049

Hoge Raad 2003-03-25 — Strafrecht

Samenvatting

Instantie en datum — Hoge Raad, 25 maart 2003, ECLI:NL:HR:2003:AE9049, zaaknummer 02664/01, cassatie. Kernvraag — Levert het aangaan van onbeschermd seksueel contact door een HIV-positieve verdachte voorwaardelijk opzet op doodslag op? Meer in het bijzonder: roept die gedraging een aanmerkelijke kans op de dood in het leven, en heeft de verdachte die kans bewust aanvaard? Feiten — De verdachte wist dat hij met het HIV-virus besmet was. In of omstreeks september 1999 heeft hij in zijn woning onbeschermd anaal seksueel contact gehad met een destijds minderjarig slachtoffer (geboren 1983), waarbij het slachtoffer de verdachte penetreerde. Een condoom werd niet gebruikt. Het hof veroordeelde de verdachte voor poging tot doodslag op grond van voorwaardelijk opzet. Oordeel hof — Het hof oordeelde dat er een aanmerkelijke kans bestond op besmetting met het HIV-virus en dat een HIV-besmetting leidt tot het risico op AIDS, welke aandoening in beginsel als dodelijk moet worden aangemerkt. Nu de verdachte wist dat hij besmet was en de risico's van onbeschermd seksueel contact kende, achtte het hof bewezen dat hij willens en wetens de aanmerkelijke kans op de dood van het slachtoffer had aanvaard. Het hof veroordeelde de verdachte tot vijf jaar gevangenisstraf. Overwegingen — De Hoge Raad stelt in r.o. 3.6 het toetsingskader voor voorwaardelijk opzet voorop. Kernoverweging: > Voorwaardelijk opzet op een bepaald gevolg — zoals hier de dood — is aanwezig indien de verdachte zich willens e…

Gerelateerde uitspraken

Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken