Raad van State 2023-08-16 — Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Instantie en datum — Raad van State (Afdeling Bestuursrechtspraak), 16 augustus 2023, ECLI:NL:RVS:2023:3134, zaaknummer 202206798/1/V3, hoger beroep. Kernvraag — Mag de staatssecretaris bij toepassing van de Dublinverordening uitgaan van het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Bulgarije, en loopt een Syrische vreemdeling die als Dublinclaimant aan Bulgarije wordt overgedragen een reëel risico op een behandeling in strijd met artikel 4 EU Handvest en artikel 3 EVRM, in het bijzonder vanwege de pushbackpraktijk en gebrekkige toegang tot opvang? Feiten — De vreemdeling heeft de Syrische nationaliteit. De staatssecretaris heeft zijn asielaanvraag niet in behandeling genomen omdat Bulgarije op grond van de Dublinverordening verantwoordelijk is. De vreemdeling vreest dat hij na overdracht vanuit Bulgarije zonder asielprocedure zal worden doorgestuurd naar een derde land (pushback). Hij heeft eerder bij de Bulgaarse grens een indirecte pushback naar Turkije meegemaakt en stelt twintig dagen in detentie te hebben gezeten waarbij hij is mishandeld. Hij had Bulgarije al verlaten op de dag dat hij zijn vingerafdrukken moest afgeven, zodat de Bulgaarse asielprocedure niet inhoudelijk is behandeld. Overwegingen — De Afdeling toetst aan de hand van het kader uit haar uitspraken van 13 april 2022 (Kroatië) en het arrest Jawo (HvJ EU 19 maart 2019, ECLI:EU:C:2019:218) of er aanknopingspunten zijn voor een fundamentele systeemfout in de Bulgaarse asielprocedure die de bijzonde…
Belangrijke uitspraken en standaardarresten · Nederlandse rechtspraak doorzoeken